Handelen begint niet bij de markt, maar bij jezelf

Veel mensen beginnen met handelen zonder de basis te kennen. Ze kiezen een stijl die niet past bij hun tijd, hun risicobereidheid of hun kennis, bijvoorbeeld kortetermijntransacties terwijl ze daar de tijd of het karakter niet voor hebben. Volgens Albert ga je dan al vanaf het begin de verkeerde kant op.

In deze eerste webinar van De Retail Traders legt Albert uit wat handelen is: kopen en verkopen met winstoogmerk, in markten die bewegen door vraag en aanbod. Hij bespreekt waarom mensen handelen en waar spanning en emotie het verschil met gokken bepalen. Daarna behandelt hij drie typen handelaren, de positiehandelaar, de swingtrader en de daghandelaar, met hun voor- en nadelen. Hij sluit af met een opdracht: met vier vragen over tijd, risico, focus en transactieduur plaats je jezelf in een matrix.

  • Begrijp wat handelen is, waarom het winstoogmerk het verschil maakt en hoe vraag en aanbod de prijs bewegen
  • Herken de drie typen handelaren die De Retail Traders onderscheidt aan tijdshorizon, tijdsbesteding en risicobereidheid
  • Bepaal met vier vragen over tijd, risico, focus en transactieduur welk type handelaar het best bij jou past

key topics

  • Handelen als kopen en verkopen met winstoogmerk
  • Vraag en aanbod, en waarom niet iedereen kan winnen
  • De eerste opdracht: herken je eigen handelstransactie
  • Waarom mensen handelen: van extra inkomen tot spanning
  • Fear and greed: waar handelen op gokken gaat lijken
  • De positiehandelaar: lange termijn met weinig tijd
  • De swingtrader en de daghandelaar: meer tijd, meer beweging
  • De matrix: vier vragen over tijd, risico, focus en transactieduur

VIDEO

Bij deze les hoort een handout (pdf) voor leden.

2. SAMENVATTING

Wat je na deze les kunt

Uitleggen wat handelen is en waarom het winstoogmerk een aankoop tot handel maakt. Beschrijven hoe vraag en aanbod prijzen bewegen en waarom volgens Albert in theorie niet iedereen winst kan maken. De motieven om te handelen benoemen en herkennen hoe fear and greed tot een gokeffect kunnen leiden. De positiehandelaar, de swingtrader en de daghandelaar onderscheiden aan tijdshorizon, tijdsbesteding en risicobereidheid. Met vier vragen een matrix invullen en zien bij welk type de meeste kruisjes staan.

Kernbegrippen

Handelen — Het kopen en verkopen van financiële activa zoals aandelen, valuta en grondstoffen, met als doel winst te maken. Prijzen bewegen door vraag en aanbod. Volgens Albert is het winstoogmerk het cruciale punt.

Fear and greed — Het spanningsveld tussen hebzucht en angst. Gaat het goed, dan nemen mensen meer risico. Gaat het minder, dan bouwen ze uit angst posities af of verkopen ze alles, mogelijk met verlies.

Positiehandelaar — Een handelaar met een lange horizon, die maanden tot jaren in een positie zit. Hij handelt weinig, steunt vooral op fundamentele analyse en heeft volgens Albert juist daarom strikt risicomanagement nodig.

Swingtrader — Een handelaar die meebeweegt met de bewegingen van de markt: enkele dagen tot weken, soms maanden, in beginsel korter dan een jaar. Hij combineert technische en fundamentele analyse.

Daghandelaar — Een handelaar die zijn posities binnen één handelsdag opent en sluit en ’s nachts zonder posities slaapt. Volgens Albert vraagt dat veel tijd, kennis, ervaring en een hoge risicobereidheid.

Fundamentele en technische analyse — Fundamentele analyse onderzoekt het bedrijf zelf om te bepalen of het over de jaren meer of minder waard wordt. Technische analyse kijkt naar de prijshistorie, indicatoren en steun en weerstand in de kaart.

Wat handelen is

Albert begint bij de geschiedenis. Nederlanders zijn van oudsher handelaren, van de VOC en de tulpenmanie in de Gouden Eeuw tot de digitale financiële markten van nu. Handelen is volgens zijn definitie het proces van kopen en verkopen van financiële activa, zoals aandelen, valuta en grondstoffen, met als doel winst te maken. Die lijst is niet gelimiteerd. Hij plaatst er meteen een kanttekening bij. Op de korte termijn, en zeker op de termijnmarkten, staat volgens Albert tegenover iedere winnaar een verliezer. In theorie kan dus niet iedereen winst maken. Sommigen noemen handelen gokken, maar markten bewegen door vraag en aanbod. Omdat vraag en aanbod continu veranderen, veranderen ook de prijzen. Dat schept kansen, maar volgens Albert vooral veel uitdagingen.

Het winstoogmerk: de eerste opdracht

Al aan het begin geeft Albert een opdracht. Denk terug aan een transactie die je zelf hebt gedaan, niet per se op de beurs. Het kopen van een huis telt, net als een verzamelitem of een dure fles whisky die je kocht omdat je verwachtte dat hij meer waard zou worden. Consumentenartikelen zoals een auto, groente of fruit tellen niet: voor de supermarkt is dat handel, voor jou een gebruiksartikel. Wel worden landbouwproducten als commodity verhandeld, zoals koffiebonen of cacaobonen, waarop vóór consumptie wordt gespeculeerd. Het winstoogmerk maakt het verschil. Schrijf daarbij op of je in die transactie veel of weinig risico wilde nemen. Die vraag komt aan het einde van de webinar terug.

Waarom mensen handelen, en waar het misgaat

Veel mensen beginnen met handelen voor een extra bron van inkomsten naast hun baan. Dat kan ook buiten de beurs, zoals groente inkopen bij de groothandel en op de zaterdagmarkt verkopen. Op de financiële markten noemt Albert meer motieven: meer winst, leren over de markten, financiële onafhankelijkheid, die ene grote klapper, of passie voor cijfers en analyse. Bij het laatste motief, spanning en uitdaging, gaat het volgens hem nog weleens mis. Handelen is een beweging tussen risico en winst. Gaat het goed, dan nemen mensen meer risico; gaat het minder, dan worden ze angstig. Die fear and greed kan een gokeffect geven. Handelen na gedegen vooronderzoek, met voldoende kennis en een toekomstvisie op een asset, is volgens Albert geen gokken.

Waarom je type ertoe doet

Weten welk type handelaar je bent, helpt volgens Albert bij het kiezen van een strategie, hulpmiddelen, je tijdsbesteding en je leerdoelen. Niet iedereen heeft dezelfde middelen, tijd en doelen. De een wil een boot kopen, de ander spaart studiegeld voor de kinderen, wil eerder met pensioen of volledig financieel onafhankelijk worden. Wie zichzelf verkeerd inschat op tijd, risicoperceptie, emoties of kennis, maakt volgens Albert verkeerde beslissingen, bijvoorbeeld kortetermijntransacties terwijl hij daar als persoon of qua tijd niet geschikt voor is. Er bestaan vier typen handelaren. De Retail Traders legt de focus op drie: de positiehandelaar, de swingtrader en de daghandelaar. De vierde, de scalper, blijft in deze webinar buiten beschouwing.

De positiehandelaar

De positiehandelaar volgt een langetermijnstrategie en zit maanden tot jaren in een positie. Albert noemt iemand die een aandeel Shell koopt voor extra rendement, om er elk jaar een vakantie of later een nieuwe auto van te betalen. Dit type past bij mensen met weinig tijd, die niet elke week een positie openen of sluiten en af en toe het nieuws volgen. Juist omdat ze weinig naar de markt kijken, hebben ze volgens Albert strikt risicomanagement nodig. Hun strategie rust op fundamentele analyse, met weinig tot geen technische analyse. Het nadeel: ze kunnen niet meebewegen met een korte economische terugval. Wie met leverage handelt, betaalt overnight swaps of rente. Leverage betekent volgens Albert dat je met meer geld in de markt zit dan er op je rekening staat.

De swingtrader

De swingtrader is volgens Albert de grootste groep. Swingen betekent niet snel erin en snel eruit, maar meebewegen met de bewegingen van de markt. Een positie duurt enkele dagen tot weken, soms maanden, en in beginsel korter dan een jaar. Een swingtrade kan uitgroeien tot een positietrade: Albert kent traders die zo tien jaar in een aandeel bleven zitten. De swingtrader kijkt naar technische én fundamentele analyse, stapt vaker in en uit en probeert een kortstondige terugval te ontwijken en daar winst uit te halen. Het voordeel is dat hij sneller op prijsschommelingen kan reageren. Het nadeel is tijd: enkele uren per week aan kennis, educatie en nieuws. Daarom combineert deze vorm volgens Albert goed met een baan.

De daghandelaar

De daghandelaar opent en sluit zijn posities binnen één handelsdag. De Europese beurzen gaan volgens Albert rond 9:00 open en rond 17:30 dicht, Amsterdamse tijd. Crypto is 24/7 open, de futuresmarkt 24/5, van maandag tot en met vrijdag. Toch slaapt een daghandelaar in beginsel zonder open posities. Dit type vraagt veel tijd, kennis en ervaring, besluitvaardigheid en een hoge risicobereidheid in een vluchtige markt. Hij volgt belangrijk nieuws, maar doet geen dagelijks boekenonderzoek naar een aandeel. Volgens Albert past het eigenlijk alleen bij wie fulltime kan handelen. De swingtrader houdt posities wel ’s nachts aan, maar zoekt grotere bewegingen met een wat kleinere risicobereidheid. Het gros van de Nederlandse retail traders is volgens Albert swingtrader of positiehandelaar, met een gematigd risico.

De matrix: vier vragen

Aan het einde komt Albert terug op de risicovraag uit de eerste opdracht. Toen hij zo’n 17 à 18 jaar geleden begon met handelen, schreef hij een aantal vragen op en zette hij de antwoorden in een matrix. Dat gaf hem comfort en een basis voor zijn strategie en educatie. De opdracht draait om vier factoren: tijd, risico, focus en de duur van transacties. Hoeveel risico ben je bereid te nemen? Hoeveel tijd wil je investeren in kennis van het vak? Ligt je focus op technische analyse, fundamentele analyse of een combinatie? En hoe lang wil je een positie aanhouden? Per antwoord zet je een kruisje. Waar de meeste kruisjes staan, zie je je type. Kruisjes bij verschillende typen zijn normaal: er is geen precieze maat voor iedereen.

Praktijkvoorbeeld

Albert vult de matrix voor zichzelf in. Fundamenteel kijkt hij graag naar het macrobeeld; de ins en outs van elke onderneming hoeft hij niet te kennen. Technische analyse vindt hij leuk, vooral het uitwerken van scenario’s voor de prijs in de nabije toekomst. Zijn focus is dus technisch en fundamenteel. Hij is bereid gemiddeld tot hoog risico te nemen: niet heel hoog, maar ook niet te laag, omdat hij nog vrij jong is. Hij besteedt veel tijd aan het vak, een aantal uur per week, omdat hij het leuk vindt. Zijn kruisjes komen uit bij de swingtrader, volgens hemzelf niet meer en niet minder.

Valkuilen

Beginnen zonder basis — Wie tijd, risicobereidheid en kennis verkeerd inschat, kiest volgens Albert een stijl die niet past, zoals kortetermijntransacties zonder de tijd ervoor.

Handelen voor de spanning — Wie handelt voor de kick, neemt meer risico als het goed gaat en verkoopt uit angst als het tegenzit. Dan gaat handelen op gokken lijken.

Positiehandel zonder risicomanagement — Een positiehandelaar kijkt weinig naar de markt en kan niet meebewegen met een terugval; volgens Albert is strikt risicomanagement daarom onmisbaar.

Daghandelen zonder de tijd ervoor — Daghandelen vraagt veel tijd, kennis en een hoge risicobereidheid; volgens Albert past het eigenlijk alleen bij wie fulltime kan handelen.

De matrix lezen als advies — De Retail Traders geeft handvatten, geen advies. Kom je er zelf niet uit, dan verwijst Albert door naar een financieel adviseur.

Kernconclusie

Handelen is kopen en verkopen met winstoogmerk, in markten die bewegen door vraag en aanbod. Iedereen heeft eigen motieven, maar spanning zonder vooronderzoek maakt van handelen gokken. De positiehandelaar, de swingtrader en de daghandelaar verschillen in tijd, risico, focus en transactieduur. Wie die vier vragen eerlijk beantwoordt, legt de basis voor een aanpak die bij hem past.

Lees ook Welk type trader ben jij? De vier soorten traders · Welke markten bestaan er? · Traden op aandelen, futures en forex: de basis

Dit materiaal is uitsluitend educatief bedoeld en vormt geen beleggingsadvies. Handelen in financiële instrumenten brengt risico op verlies met zich mee. Resultaten uit het verleden bieden geen garantie voor de toekomst.